‘Hoe kun je zorgverlening beter organiseren?’ Die vraag houdt Hugo Slootjes al heel wat jaren bezig als vader van een zoon en een dochter die bij Philadelphia wonen. Hij was en is nog steeds nauw betrokken bij Philadelphia-locatie Borneostraat in Almere die in 2018 van start ging. ‘Met alles wat er op ons afkomt, moet de zorg anders georganiseerd worden, meer toekomstbestendig. Dat geeft rust, ook als mijn partner en ik er ooit niet meer zijn.’
De start van de Borneostraat had wel iets weg van de start van Philadelphia 65 jaar geleden. Ouders speelden een belangrijke rol in hoe de locatie werd ingericht. Ook nu nog zijn ouders actief betrokken. Hugo zit in de familieraad en het klussenteam van de locatie. Ook is hij betrokken bij het restaurant voor bewoners dat een aantal keer per jaar georganiseerd wordt. ‘Er zijn altijd dingen waarbij je kunt helpen en het leuker kunt maken voor alle bewoners.’
Team van de Toekomst
Daarnaast is Hugo onderdeel van het projectteam Team van de Toekomst binnen Philadelphia. Daarin wordt verkend hoe zorg toekomstbestendig vormgegeven kan worden. In het Team van de Toekomst werkt Philadelphia samen met cliënten en mensen om hen heen, zoals buren, vrienden, familie, technologie en zorgprofessionals. Ieder heeft z’n eigen rol. Dit gebeurt onder andere in de proeftuinen waar geëxperimenteerd wordt met oplossingen voor vraagstukken die boven tafel komen. Zoals: moet iedereen in het netwerk van een cliënt een VOG hebben of werpt dit onnodige drempels op die niet passen bij een gewoon leven?
Hugo vertegenwoordigt, samen met twee andere ouders, de stem van ouders en verwanten. ‘Ik gun mijn kinderen dat ze het leven kunnen leiden wat ze willen en daarbij de ondersteuning vinden die ze nodig hebben, niet alleen van ons als ouders. Daarom denk ik graag mee over het Team van de Toekomst en hoe we dat concreet kunnen maken in de proeftuinen.’
Voor iedereen anders
Dat er binnen Team van de Toekomst iets anders gevraagd wordt van ouders, kan soms best wennen zijn ziet Hugo: ‘Ouders zeggen dan: “Ik heb mijn kind moeten loslaten en nu vraag je me weer om in te stappen.” Sommige ouders kijken breed en helpen graag een handje op de locatie, andere ouders willen vooral iets doen als het rechtstreeks bijdraagt aan het leven van hun kind. Iedereen zit er anders in en dat maakt het complex. Er is geen goed of fout, het is iets waar we rekening mee moeten houden.’
Ook iedere cliënt heeft zijn of haar eigen behoeften. ‘Het Team van de Toekomst ziet er voor iedere cliënt anders uit. Alleen al voor mijn zoon en dochter is dat heel verschillend. Mijn zoon is introvert en heeft genoeg aan een kleinere kring mensen om zich heen en meer ondersteuning. Mijn dochter is zelfstandiger en heeft juist meer behoefte aan sociale contacten. Een groter netwerk past beter bij haar.’
Zorgprofessional als regisseur
Om aan die verschillende behoeften te kunnen voldoen, ziet Hugo de zorgprofessional vooral als regisseur. ‘De zorg van de toekomst vraagt om begeleiders die goed afgestemd zijn op de behoeften van de individuele cliënt en begrijpen wat passend is aan netwerk om die persoon heen. De regisseur voelt zich verantwoordelijk en houdt de vinger aan de pols, zodat ouders met een gerust hart een stapje terug kunnen doen en meer los kunnen laten.’
Op de Borneostraat is die beweging al in gang gezet: ‘Toen mijn zoon in 2018 een aantal weken op de Borneostraat woonde, heb ik zelf contact gezocht om te praten over wat goed ging en wat beter kan. Dit jaar is mijn dochter ook op de Borneostraat komen wonen en toen nam een begeleider na een paar weken zelf contact op over hoe het ging. Zó zie ik de zorgprofessional van de toekomst.’
Vertrouwen voor de toekomst
Ouders van een kind met een beperking blijven vaak levenslang de belangrijkste achtervang, vertelt Hugo. ‘In de zorg van de toekomst gun ik deze kinderen een eigen, vertrouwd netwerk waar ze altijd op kunnen leunen. Juist ook voor de dag dat de ouders er niet meer zijn.’ Ook vindt Hugo het belangrijk dat ouders minder zorgen hebben over een mooi leven voor hun kinderen. ‘Het idee dat er een professional is die zich verantwoordelijk voelt voor je kind en aansluit op zijn of haar behoeften, is het ultieme gevoel en geeft vertrouwen voor de toekomst. Een ander beeld wil ik niet voor ogen hebben.’