Mensen met een verstandelijke beperking worden steeds ouder. Dat is mooi, maar het vraagt ook iets van de manier waarop Philadelphia de zorg en ondersteuning organiseert. Want ouder worden verloopt bij mensen met een verstandelijke beperking vaak anders dan bij anderen, vertelt Marloes Bogaerts - Thalen, ontwikkel- en implementatiemanager ouderenzorg bij Philadelphia.
‘Het verouderingsproces kan echt een stuk eerder beginnen,’ zegt Marloes. ‘De veroudering begint bij deze doelgroep vaak rond het vijftigste, en bij mensen met het Downsyndroom of ernstige verstandelijke beperking al rond het veertigste levensjaar. Het proces kan ook grilliger verlopen. Dat vraagt flexibiliteit in de snelheid waarmee je soms moet handelen.’
Binnen Philadelphia behoort inmiddels meer dan de helft van de cliënten tot de doelgroep ouderen. Met die stijging van de leeftijd wordt ook de zorgvraag zwaarder. Ouderen met een verstandelijke beperking hebben meer risico op gezondheidsproblemen, zoals dementie, slikproblemen, diabetes, obesitas, depressie, gehoor- en visuele beperkingen of verminderde mobiliteit. Ook wordt hun netwerk vaak kleiner, bijvoorbeeld omdat ouders overlijden en broers en zussen zelf ouder worden.
‘Dat is waarom we ouderenbeleid nodig hebben,’ legt Marloes uit. ‘De manier waarop we georganiseerd waren, volstaat niet meer helemaal voor deze nieuwe ontwikkelingen.’
| Wat heeft iemand nu nodig? Het ouderenbeleid van Philadelphia draait om juiste zorg op de juiste plek. Niet vanuit één standaardoplossing, maar door goed te kijken naar de levensfase, gezondheid, ondersteuningsbehoefte en wensen van iedere cliënt. ‘We werken daarbij met cliëntprofielen’, vertelt Marloes. ‘Die helpen om in kaart te brengen welke ondersteuning iemand nodig heeft in de verschillende fases van het ouder worden. Ook is er aandacht voor monitoring en screening, zodat veranderingen eerder worden gezien. We proberen toe te werken naar proactieve zorgplanning. Door goed te monitoren, kunnen we tijdig bepalen wat een volgende stap kan zijn. Dan komt iets niet pas in beeld als het heel urgent is.’ Dat betekent in de praktijk dat de betrokken zorgprofessionals steeds opnieuw kijken: past de huidige woonplek nog? Is er meer verzorging nodig? Is de locatie toegankelijk genoeg? Is er een goede balans tussen dagbesteding, wonen en rust? En wat betekent deze fase voor het dagelijks leven van de cliënt? Soms kan iemand met aanpassingen op de vertrouwde plek blijven wonen. Soms sluit een andere woonplek beter aan bij wat iemand nodig heeft. Philadelphia kijkt daarom per gebied welke ouder wordende cliënten er wonen, wat hun ondersteuningsvraag is en welk aanbod daarbij past. In sommige gebieden zijn al ouderenzorglocaties aanwezig. Op andere plekken kijken we naar verbouwing, aanpassing of samenwerking met andere zorgorganisaties. ‘De gebieden verschillen te veel van elkaar om hiervoor één beleid te ontwikkelen. We kijken juist gebiedsgericht wat er nodig is.’ |
Kennis over veroudering
Voor collega’s betekent deze ontwikkeling dat kennis over veroudering steeds belangrijker wordt. Het gaat om signaleren, begeleiden, verzorgen en vooruitkijken. Teams moeten weten welke veranderingen kunnen horen bij ouder worden en wanneer extra deskundigheid nodig is, bijvoorbeeld van een logopedist, diëtist, verpleegkundige, gedragsdeskundige, arts of andere specialist.
Op ouderen-locaties werken medewerkers met de zorg- en begeleidingsvisie Oud. Zij worden getraind in Belevingsgerichte zorg, de bijbehorende begeleidingsmethodiek. Op andere locaties, waar bijvoorbeeld vitale ouderen wonen tussen jongere cliënten, ligt de nadruk vooral op bewustwording, signalering en tijdig gesprek over wat veroudering voor hen kan betekenen. ‘Die basiskennis is belangrijk om goed te kunnen signaleren,’ zegt Marloes. ‘En ook om het gesprek te voeren met de cliënt, verwanten en begeleiders op de woning.’
Een zinvolle dag
Ouder worden betekent niet dat de ontwikkeling stilstaat of dat de eigen regie verdwijnt. Wel kan de invulling veranderen. Waar de nadruk eerder misschien lag op talentontwikkeling of werk, verschuift die vaker naar behoud van vaardigheden, rust en nabijheid.
‘Het gaat uiteindelijk om de vraag: hoe ervaar jij nog een zinvolle dag?’ zegt Marloes. ‘Wat zijn jouw wensen en behoeften? Hoe wil je je oude dag doorbrengen en wat vind je daarbij prettig?’
Bij sommige ouder wordende cliënten wordt de wereld vanzelf kleiner. Er is minder energie om eropuit te gaan, minder behoefte aan drukte of meer behoefte aan vertrouwde mensen en plekken. Dan wordt het belangrijk om de wereld op een andere manier groot te houden.
‘Als iemand meer naar binnen keert, kun je ook buiten naar binnen halen. Dat is óók een manier om iemands wereld te vergroten, of groot te houden.’
Dat kan heel concreet zijn: een buurvrouw die iedere week komt kaarten, een vrijwilliger met wie de cliënt samen muziek luistert, familie die betrokken blijft, of activiteiten die aansluiten bij iemands levensverhaal. Marloes: ‘Juist omdat netwerken kleiner worden, vraagt dit om vroegtijdige aandacht. Wie nu investeert in betekenisvolle contacten, kan ervoor zorgen dat die later blijven bestaan.’
Dromen voor de toekomst
Marloes’ droom is dat Philadelphia in iedere fase passende zorg kan bieden. Dat cliënten, verwanten en collega’s weten wat ouder worden kan betekenen, dat veranderingen op tijd worden herkend en dat de ondersteuning meebeweegt met wat iemand nodig heeft. ‘En dat veroudering iets wordt waar je met elkaar over kunt praten, omdat het gewoon bij het leven hoort.’
De volgende stap ligt voor Marloes in nog meer preventief werken. Door kwetsbaarheid vroeg te herkennen, kan achteruitgang misschien worden vertraagd of soms zelfs voorkomen. ‘Denk aan meer aandacht voor bewegen, voeding, gezondheid, sociale contacten en het tijdig betrekken van de juiste deskundigheid.’ Ook technologie kan hierbij helpen. ‘Met het fietslabyrint bijvoorbeeld, helpen we mensen om op een fijne manier in beweging te blijven. Met de belevingscabine en de beleef- of tovertafel sluiten we aan bij iemands interesses. DigiContact kan extra steun bieden als de behoefte aan ondersteuning verandert.’
Zo blijft ouderenzorg bij Philadelphia niet alleen gaan over wonen, zorg en ondersteuning, maar vooral over kwaliteit van leven. Over een eigen leven blijven leiden, ook als de zorgvraag verandert. Over gezien worden in wie je bent, met je levensverhaal, je wensen en je netwerk. En over een wereld die misschien anders wordt, maar niet kleiner hoeft te worden.